KONY 2012: ontmaskering


Het verhaal begon eigenlijk al te goed om waar te kunnen zijn. Leider van het Verzetsleger van de Heer, Joseph Kony wordt ontmaskerd in een internetfilm van ongeveer een half uur. Daarin maken we kennis met deze machtswellusteling, en de malafide praktijken van zijn handlangers. De makers van de film, Invisible Children, bereikten direct een groot publiek, en enkele dagen later is het filmpje miljoenen keren bekeken.

Fantastisch toch, zou je zeggen? Dat is het zeker. En zonder twijfel is het een nobele gedachte die achter deze ontmaskering van Kony zit. Maar dat neemt niet weg dat er talloze vragen onbeantwoord blijven.

Laten we even teruggaan in de geschiedenis. Het Verzetsleger van de Heer (VLH) werd opgericht in 1987. Kony, de stichter, riep zichzelf uit tot profeet, en heeft als doel om een staat te stichten die geleid wordt volgens de Tien Geboden.

Eind 2003 werden de daden van het VLH aanhangig gemaakt bij het Internationale Strafhof. Ongeveer twee maanden later, begin 2004 worden zo’n 200 vluchtelingen vermoord in een vluchtelingenkamp in Barlonyo. Door het VLH. Eind 2004 spreken het VLH en de Oegandese regering een zevenweekse staakt-het-vuren af. Die loopt af zonder dat er ook maar iets wordt bereikt tussen de twee partijen.

Doorspoelen naar medio 2006. In juli van dat jaar beginnen in Soedan vredesbesprekingen tussen Oeganda en het VLH. Er wordt een wapenstilstand afgesproken tussen het Oegandese leger en het VLH. Daarbij krijgt het VLH de kans om zich terug te trekken zonder dat zij aangevallen zullen worden door het leger. Ook wordt er een ultimatum gesteld op 12 september waarna de vredesonderhandelingen zullen beginnen.

Maar plots was er in 2009 weer een oplaaiing van geweld, in Congo ditmaal. Het VLH vermoordt 321 mensen en er worden tientallen kinderen en volwassenen ontvoerd. De vredesonderhandelingen die hadden geleid tot een vredesakkoord, zijn daarmee met terugwerkende kracht alsnog teniet gedaan.

Tot op heden heeft Kony meer dan 20.000 kinderen ontvoerd en vermoord. Alleen tussen 2002 en 2003 werden meer dan 9000 kinderen ontvoerd. Geen enkel land op de wereld, ook niet Oeganda en Congo en omliggende landen voelen zich geroepen om in te grijpen.

Maar hoe kan het dan dat een ‘viral video’ opeens wel zoveel aandacht genereert? Wellicht omdat bij het grote publiek Kony vrijwel onbekend was. Het doel van de video was dan ook om zoveel mogelijk mensen bewust te maken van zijn gruweldaden en zijn persoon in het algemeen, zodat er iemand misschien wel in zou grijpen.

In de video wordt verteld dat in 2010 de Verenigde Staten het eerste land is dat 100 soldaten stuurt om het Oegandese leger te trainen. Een opmerkelijke zet. Er was toen nog geen video, er waren enkel wat petities die waren ondertekend door een paar duizend mensen. Normaliter is dat nooit voldoende om de VS ertoe te bewegen om het leger er op uit te sturen.

Spoel de tijd enkele maanden terug. Want zonder dat het bekend werd in de mondiale pers, wordt er in 2010 olie gevonden in Oeganda. Op dat moment staat de teller van kinderslachtoffers van het VLH al bijna op 20.000. Kony’s clubje is dan al ruim 23 jaar bezig om kinderen in Congo en Oeganda te ronselen om kindsoldaat of kindprostituee te worden. Maar niemand die zich geroepen voelde om in te grijpen.

Maar waarom wordt er wel opeens ingegrepen op het moment dat Oeganda olie in de bodem blijkt te hebben? Hier is een duidelijke parallel te trekken met wat er in Irak gebeurde tien jaar terug. Volgens gelekte emails had de VS een reden nodig om Irak in te trekken. Die had men niet. Nou ja, die had men wel, maar het grote publiek stemt uiteraard niet in met een oorlog in een ver land alleen vanwege de olie.

Maar op mysterieuze wijze lukte het de Amerikanen niet alleen om Al-Qaida te linken aan Irak, maar zelfs aan Saddam Hussein. Die man moest het veld ruimen. Waarom? Vanwege de aanslagen van Osama bin Laden. Leest u deze zinnen nog eens over en leg me dan uit waarom we daar met z’n allen zijn ingetuind.

Maar de VS had haar reden om Irak binnen te trekken, en dat deed het dan ook met veel machtsvertoon. In de eerste zes maanden dat de VS in Irak zat sloten diverse Amerikaanse bedrijven oliecontracten met een gezamenlijke waarde die bijna gelijk is aan de schuld van Amerika (ongeveer 16 biljoen dollar). Niemand die iets hoorde over die contracten, niemand die weet hoeveel olie er al uit de grond is gehaald en hoeveel geld de VS daarmee heeft verdient.

Zo bezien is het goed om nog eens naar de film KONY 2012 te kijken, en je vervolgens af te vragen waarom de maker die film heeft gemaakt. Wil hij de kinderen in Congo helpen? Dat kan, en afgaand op het materiaal in de film en de resultaten die de stichting Invisible Children heeft geboekt de laatste jaren kunnen we daar ook wel vanuit gaan.

Maar hoe is het dan mogelijk dat de oprichters van Invisible Children ieder zon 90.000 dollar per jaar verdienen? Wie betaalt dat? Zijn dat de mensen die hun geld doneren, geld dat eigenlijk bedoeld is om kinderen te helpen? Of zit er een ander bedrijf/organisatie/regering achter die baat heeft bij een publieke opinie die een interventie in Congo en Oeganda billijkt?

Hoe het ook zij, de massa mensen die de film KONY 2012 hebben gezien zijn van mening dat er moet worden ingegrepen. En terecht, want er kan nauwelijks getwijfeld worden aan de misdaden die Kony gepleegd heeft.

Maar het is moeilijk te geloven dat één man vanwege één kind een actie op touw zet die ervoor moet zorgen dat een crimineel wordt opgepakt. Mijns inziens zit hier veel meer achter dan we zien. De omstandigheden, de gebeurtenissen en de ontwikkelingen tonen dat er zaken zijn die niet direct met elkaar gelinkt kunnen worden, maar die wel doen vermoeden dat er meer gaande is dan we vermoeden.

Ik ben pas gerustgesteld als Invisble Children volledige inzage geeft in wie hebben gedoneerd, in hun financiën en als ze bewijzen kunnen dat het gedoneerde geld ook echt een doel heeft bereikt in Congo en Oeganda.

Want het doel van het filmpje is om de overheid te bewegen actie te ondernemen. Een regering die zich pas laat bewegen als genoeg mensen kenbaar maken dat ze het niet eens zijn met de daden van Kony.

Stel je nu eens voor: je bent een spin doctor van de regering. Er wordt namens de president van de Verenigde Staten van Amerika gevraagd of jij een plan kunt bedenken waarbij het publiek het idee krijgt dat zij de reden zijn dat jij, als overheid, een land binnenvalt (een land waar onlangs een mooie olievoorraad onder de grond is ontdekt). De simpele weg, van de leugen, bleek de onjuiste weg na het debacle in Irak. Regeringen gaan natuurlijk met hun tijd mee, en beseffen donders goed dat de huidige maatschappij uiterst vatbaar is voor social media.

Langzaam ontvouwen zich de contouren van een meesterlijk plan. Laat het publiek denken dat zij strijden voor een goede zaak. Zo’n goede zaak – misbruik en het doden van kinderen – dat niemand er kritiek op zal hebben. Zeker niet onze goedgelovige medemens. Ik las gisteren een artikel in de Volkskrant waarin werd gesteld dat het een faux-pas was als je kritiek gaf op de documentaire over Kony. Waarom? Omdat het een nobel doel is.

Een nobel doel is het zeker. Maar is het nog steeds zo nobel als blijkt dat de banden met de Amerikaanse overheid inniger zijn dan wij hadden kunnen vermoeden? En is het nog steeds nobel als blijkt dat de Verenigde Staten belang hebben bij een nieuwe oliebron? In een land dat te arm, te ziek en te corrupt is om zichzelf te verdedigen?

Het is nu nog zaak om aan te tonen dat er wel degelijk contact is tussen de Amerikaanse overheid en Invisble Children. Ik vermoed dat dat niet lang meer zal duren voordat daar meer over bekend wordt.

OPINIE: De Pers stopt…nou en?


Alle inwoners van Medialand konden gisteren nauwelijks woorden vinden om in 140 tekens hun sympathie te tonen met de werknemers van dagblad De Pers, en om aan te geven hoe erg ze het stoppen van de krant vinden. Hypocriet gedrag dat neigt naar inteelt, aldus Dennis Boots.

Wat is er zo bijzonder aan gratis kranten? Ze doden de tijd dat je in bus, trein, tram of metro zit, toegegeven. Ze staan bol van reclames en het kan net zo zijn dat er een film, een parfum of verzekering bij zit die u op dat moment nodig heeft. En grotendeels zijn de artikelen weinig diepgaand en worden omlijst door kleine berichtjes waar u geen drol aan heeft, maar die ‘o zo leuk zijn om te lezen’.

Hoe kunnen we dan verklaren dat de ene na de andere journalist gisteren tekens en karakters te kort kwam om via Twitter hun medeleven te betuigen? Het antwoord is eenvoudiger dan gedacht: bij De Pers werken ‘collega’s’, mensen die in hetzelfde vakgebied werkzaam zijn. Dacht u dat deze zelfde journalisten, betrokken als ze zijn bij de samenleving, eenzelfde soort tweets de wereld in slingerden toen duidelijk werd dat NedCar failliet zou gaan? Nee.

De luid twitterende journalisten gisteren namen het simpelweg op voor hun collega’s. Nobel en terecht natuurlijk. Die journalisten hebben, dat moet ik toegeven, geprobeerd om iets van de gratis krant te maken. Maar dat is niet gelukt.

Maar wat schetst mijn verbazing? Plotseling wordt de overleden krant geprezen als zijnde een journalistiek hoogtepunt en een bastion van objectiviteit en onafhankelijkheid. Een veredelde reclamefolder kan dat nooit zijn. En dat was De Pers dan ook niet. Ik kan me van de afgelopen maanden slechts één verhaal herinneren dat werkelijk verrassend was: een overzicht van de teloorgang van voetbalclub AS Monaco. Maar dat artikel was bijzonder achterhaald, en had eigenlijk maanden daarvoor al gepubliceerd moeten worden.

En daarnaast? Niets. Geen artikelen die werden aangehaald in de Tweede Kamer, geen nieuwsfeiten die niet waren opgepikt door de landelijke kranten, geen geruchtmakende onthullingen die stof deden opwaaien bij de koffieautomaat.

Het stoort me dan ook dat menig journalist gisteren deed alsof we een van de belangrijkste kwaliteitskranten van Nederland verloren hadden. Dat hebben we niet. NRC Handelsblad viel gisterenavond gewoon nog op mijn deurmat, en de Volkskrant zag ik vanochtend wederom in de krantenstand bij het tankstation liggen. Het misplaatste medelijden van  mijn collega’s stoorde me dan ook mateloos gisteren.

Het is zonde dat De Pers verdwijnt, zonder meer. Ik kan me ook nog in de kritiek vinden dat De Pers meer te bieden had dan Metro en Spits. Dat kan ik op meerdere manieren aantonen, maar laat ik zeggen dat De Pers de verhouding reclame-journalistiek aardig in het oog hield; Metro en Spits zijn die allang uit het oog verloren. Nu wil het niet altijd zeggen dat meer reclame leidt tot minder objectieve en hoogwaardige berichtgeving, maar in die twee kranten is dat zonder meer het geval.

Maar laten we nu niet gaan doen alsof de Washington Post van de Lage Landen is verdwenen. Het was een Miami Herald at best, en niet meer dan dat. Het was een gratis krant die aardig wist te balanceren op de grens van commercie en journalistiek, en dat zijn dan ook de enige lofprijzingen die het krantje verdient.

Dus, samengevat: collega-journalisten, doet u niet alsof hiermee het literaire en journalistieke wonder uit ons land is verdwenen. Lezers, doet u niet alsof u ‘het nu moet doen met die twee andere gratis kranten’. Voor de eerste groep: betuig uw medeleven aan collega’s, maar doe geen boude beweringen. Voor de tweede groep: het is typisch Nederlands om te klagen over iets dat gratis is. Als je echt goede verhalen wil lezen: er liggen nog vele andere kranten in de kiosk. U moet daar wel voor betalen, maar die gekke regel geldt ook hier: u krijgt doorgaans waarvoor u betaalt.

Ik stoor me dan ook aan het feit dat mijn collega’s de feiten en hun gevoelens in deze niet uit elkaar kunnen houden. Natuurlijk, het is erg dat al die mensen hun baan verliezen. Natuurlijk, ik hoop dat ze allemaal snel weer aan het werk kunnen. Maar nee, we zijn absoluut geen kwaliteitskrant kwijt geraakt.

Ik zeg: we zijn de beste gratis krant kwijt geraakt. Het is een nietszeggende zin, omdat het woord ‘beste’ de woorden ‘gratis krant’ absoluut niet versterkt. En daarmee hoop ik dat al mijn collega’s inzien dat het heel makkelijk kan gebeuren dat een hype ontstaat in de media. Als u met zijn allen  een stervend paard volgt. Dit stervend paard heeft hard gewerkt, heeft zijn taken gedaan, en sjokt nu naar zijn einde toe, in een hoekje van de stal. Laat het rustig en in kalmte sterven.

Zie hieronder een overzicht van collega’s die het nodig vonden om te reageren op dit nietszeggende nieuwsfeit:

hanslaroes hans laroes Zielig droevig zonde: aangekondigd einde van De Pers. Daar gebeurde nog s wat 5 uur geleden

Twitter avatar woukevscherrenb wouke van scherrenbu Wegener heeft zich gruwelijk verslikt in De Pers, heb heel wat bittere verhalen van Wegenercollega’s gehoord over deze ” loden last ” 4 uur geleden

Twitter avatar Meikebe Meike Bergwerff Wat dood- en doodzonde zeg. De Pers is al jaren de beste gratis krant. Ik liep er een leuke stage. Hoop dat iedereen werk vindt. #DePers 4 uur geleden

Twitter avatar LiseWitteman Lise Witteman Zonde, echt. Goede journalistiek bij de Pers. @De_Pers 4 uur geleden

Twitter avatar RikReporter Rik Konijnenbelt Heel jammer dat dagblad de Pers stopt. Een van de beste kranten van t land. 4 uur geleden

Twitter avatar JulesSeegers Jules Seegers Jammer, De Pers stopt ermee op 1 april. Na verdwijnen van DAG nu alleen nog Spits en Metro? Zou fijn zijn als het een grapje is. 4 uur geleden

Twitter avatar mennopot Menno Pot Dagblad De Pers stopt. Bij uitstek de gratis krant waarin goede, ‘eigen’ stukken verschenen. Wat sneu ook voor de mensen die ‘m maakten. 4 uur geleden

Twitter avatar JosHeymans Jos Heymans De Pers stopt; de parlementaire pers treurt. Hoop dat iedereen daar, vooral de parlementaire collega’s, een goede nieuwe stek vindt. 4 uur geleden

Twitter avatar rikvdwestelaken Rik vd Westelaken Dat is heel jammer, het einde van De Pers. Een gratis krant die zich echt wist te onderscheiden. Laatste nummer einde van de maand. 4 uur geleden

Twitter avatar brewbart bart brouwers De Pers, 5 jaar lang prachtjournalistriek. Maar ook de volle 5 jaar kunstmatig in leven gehouden. Is prachtjournalistiek onbetaalbaar? 4 uur geleden

Kircz moet gestenigd worden (2)


Kircz vraagt om publiekelijk aan de schandpaal te worden genageld. Wie ben ik om daar niet op in te gaan?

Ik schreef ruim een week geleden dat de heer Kircz van de AOb gestenigd moest worden, vanwege zijn uitlatingen over de minister van Onderwijs. Gezien de vele reacties die ik kreeg, begrepen de mensen mij verkeerd.

Ja, ik vind dat de heer Kircz gestenigd moet worden. Ja, ik heb een bepaalde stijl toegepast op dat bewuste artikel. Ja, ik blijf bij mijn standpunten. Ja, ik heb in het stuk duidelijk aan gegeven dat als de heer Kircz zich had gehouden aan de regels van het politieke spel, en aan de normen en waarden die gelden met de omgang van een minister, ik mij had uitgesproken voor de leraren. Helaas kon ik dat niet meer doen vanwege de heer Kircz.

Vandaag trof mij in de Volkskrant een column die mij gesterkt deed voelen in mijn standpunten. Daarom, voor alle mensen die vinden dat zij ofwel Kircz moeten verdedigen ofwel minister Bijsterveldt aanvallen, voor u:

‘Liever een verpleegster dan een wiskundige als minister’

(Auteur: Meindert Fennema, Volkskrant opinie)
Om een goede minister te zijn, heb je geen academische titel nodig. Politieke moed is volgens hoogleraar Meindert Fennema veel belangrijker.
Politiek is topsport schrijft René Cuperus, medewerker van de Wiardi Beckmanstichting, ‘maar je hoeft geen klokkenluider te zijn om vast te stellen dat de gemiddelde politieke partij in de regionale onderliga speelt waar het gaat om selectieprocessen en kwaliteitsbeoordeling.’ Het bewijs daarvoor ziet hij in de selectie van een bewindspersoon op Onderwijs ‘op basis van niet meer dan een verpleegkunde A-diploma’. Cuperus zou liever een onderwijsminister zien ‘van het kaliber Louise Fresco of Alexander Rinnooy Kan’. De laatsten zijn allebei hoogleraar.

Een hoogleraar op onderwijs, het ligt voor de hand. En dan een bankier op Financiën, een bouwkundige op Volkshuisvesting, een vakbondsman op Sociale Zaken, een econoom op Economische Zaken, een jurist op Justitie, een diplomaat op Buitenlandse Zaken en een commissaris van politie op Binnenlandse Zaken. Cuperus is een meritocraat en daarom vertrouwt hij het de politieke partijen niet meer toe kandidaten te leveren voor ministersposten.

Het landsbestuur in handen van de besten, het is een oud ideaal dat aan het begin van de 19de eeuw ook door de utopisch socialist Saint-Simon werd verdedigd. Saint-Simon wilde selectie op grond van verdienste, niet op grond van geboorte. Hij wilde het actieve kiesrecht voor velen koppelen aan een passief kiesrecht voor de besten. De kieslijsten zouden moeten bestaan uit de vijftig beste wetenschappers, de vijftig beste bankiers, de vijftig beste industriëlen, artsen, ingenieurs, de vijftig beste schrijver en dichters.

Naïef
Cuperus is ook meritocraat, maar een Saint-Simonist is hij niet. Hij denkt dat het instellen van voorverkiezingen, naar Amerikaans model, een oplossing is voor de selectie van politici. Cuperus is naïef. Hij meent dat burgers als vanzelf hoogleraren zullen selecteren voor het ministerie van Onderwijs, bankiers voor Financiën, enzovoort.

Dat doen die burgers niet, maar dat is in de Amerikaanse democratieopvatting, waarin voorverkiezingen een centrale rol spelen bij de selectie van kandidaten, ook geen probleem. Een tijdgenoot van Saint-Simon, de Amerikaanse president Andrew Jackson die ook de oprichter was van de Democratische Partij en het algemeen kiesrecht voor blanke mannen invoerde, had een opvatting die recht tegenover die van Cuperus staat. ‘De taken van overheidsdienaren’, meende hij, ‘zijn zo eenvoudig en helder – althans kunnen dat gemaakt worden – dat intelligente mensen zich zonder meer kunnen kwalificeren om ze te vervullen.’

Daarmee legitimeerde Jackson de selectie van bestuurders door verkiezingen, die in Nederland nog steeds niet bestaat. De Nederlandse selectie van ministers, burgemeesters en rechters is één van de minst democratische in de wereld van de parlementaire stelsels. Mede daardoor werd er vaak een econoom geselecteerd als minister van Economische Zaken (De Pous, Zijlstra, Lubbers) maar ook op Financiën (Duisenberg, Zalm), juristen op Justitie (Donner, Hirsch-Ballin), een onderwijskundige op onderwijs (Van Kemenade, Ritzen) enzovoort.

Hoogvliegers
Het grappige is dat Cuperus een argument gebruikt uit de Saint-Simonistische traditie om het invoeren van een selectieprocedure naar Amerikaans model te bepleiten. Maar de meeste politici in de VS zijn niet de professionele hoogvliegers die Cuperus zich wenst. Reagan was een acteur, Bush was een olieman, Carter was boer. Alleen Obama zou je een intellectueel kunnen noemen.

Ik zou trouwens wel eens willen weten wat het oordeel is van Cuperus over het functioneren van een banketbakker als staatssecretaris van Volkshuisvesting (Jan Schaefer) en een notulist als minister-president (Willem Drees). Omgekeerd ben ik sceptisch over de bestuurlijke kwaliteiten van de briljante wiskundige Rinnooy Kan. Een aardige man, daar niet van, maar noch als rector van de Erasmus Universiteit noch als bestuurder van ING was hij erg daadkrachtig. Hij was meer diplomaat dan man van de daad, zo bleek uit een biografische documentaire die HollandDoc 6 februari uitzond.

Wantoestanden
Niets wees er op dat deze ‘ambassadeur van het poldermodel’ als rector iets gedaan heeft aan de wantoestanden die er toen heersten aan zijn eigen economische faculteit waar het bijklussen het wetenschappelijk onderzoek geheel verdrongen had. Als ING-bestuurder heeft hij niets gedaan tegen de riskante rommelhypotheken en de woekerpolissen die onder zijn verantwoordelijkheid werden afgesloten. Wel bleek uit die documentaire dat Rinnooy Kan bij zijn afscheid twee miljoen euro meekreeg. ‘Geheel volgens afspraak’, zoals hij zelf zei.

Ik deel de mening van Cuperus dat het politiek bestuur topsport is, maar ik denk niet dat daar een academische titel voor nodig is. Dat heeft te maken met het feit dat besturen – en zeker politiek besturen, geen zuiver technische competentie is, maar vooral moreel handelen vereist waar politieke moed voor nodig is. Machiavelli noemde dat virtú en beschouwde dat als een typisch mannelijke eigenschap. Dat laatste wordt tegenwoordig bestreden. Veel mensen denken dat het hbo wel aan een grote schoonmaak toe is. Zonder te willen discrimineren zou ik denken dat een hoofdverpleegster dat misschien wel beter aanpakt dan een briljant wiskundige.