Liefde (J. Slauerhoff)


Liefde is niets dan daaglijks verder gaan
Door dorre woestenijen,
Om na den nacht saam moe weer op te staan
Uit duistere valleien.

Liefde is niet een wijdverklaard begrijpen,
Een stijgen tot het licht,
En niet oneindig zijn en ook niet rijpen
Tot innerlijk gezicht.

Want leven is geen vast geluk, maar een rampspoedig
Dolen in ’t labyrint
Van de gevoelens; wie de weg weet is hoogmoedig,
Als onervaren kind.

Liefde is alleen elkander droef verdragen
Als vrouw en man:
Twee vijanden die toch elkander schragen
Zoo nu en dan,

En, daar God voor hun wanhoop en hun vragen
Geen heul, geen antwoord heeft,
Soms naar de eeuwigheid de zweefvlucht wagen
Die een omhelzing geeft.

(J. Slauerhoff, Verzamelde Gedichten, Serenade, Liefde, bladzijde 242)

Shortlist Librisprijs


A.F.Th. van der Heijdens requiemroman Tonio staat op de shortlist van de Libris Literatuurprijs 2012. Verder bevat de lijst de romans van Jeroen Brouwers (Bittere bloemen), Miquel Bulnes (Het bloed in onze aderen), Jan van Loy (Ik, Hollywood), Ivo Victoria (Gelukkig zijn we machteloos) en Jan van Mersbergen (Naar de overkant van de nacht). Dat heeft juryvoorzitter Robbert Dijkgraaf gisteren in Amsterdam bekendgemaakt.

Alleen romans kunnen de Libris Literatuurprijs, 50.000 euro groot, winnen. De uitreiking is op maandag 7 mei in het Amstel Hotel in Amsterdam en wordt live uitgezonden in Nieuwsuur, op Nederland 2. Aan een nominatie is een bedrag van 2.500 euro verbonden. De winnaar ontvangt 50.000 euro.

Jury uitte kritiek op verschenen romans
Tijdens de presentatie in De Nieuwe Kerk te Amsterdam uitte juryvoorzitter Dijkgraaf kritiek op een aantal romans dat was verschenen, maar waar in literair opzicht weinig op het spel stond:

De roman is dan eerder een doorgeefluik van hoogstpersoonlijke ervaringen, zonder dat duidelijk wordt waarom nu juist voor de roman gekozen is om het verhaal te vertellen.

De jury was juist weer blij met ‘een generatie auteurs van rond de veertig jaar (…) die jongleert met het genre, nieuwe thematische keuzes maakt en eigen grenzen en wetten creëert. Deze schrijvers zoeken én vinden verrassende en nieuwe wegen.’

Over de genomineerde romans schreven diverse recensenten van het NRC Handelsblad het volgende:

– Elsbeth Etty over Bittere bloemen van Jeroen Brouwers:

Zoals in al zijn grote romans, waartoe dit van vergeefsheid doortrokken angstdelirium zeker gerekend mag worden, kan Brouwers eenvoudig niet zonder de fictionele realiteit van de mythe, de literatuur, de film, de opera, het toneel of de poëzie. Die fictionele werkelijkheden zijn, net als bij de door Brouwers bewonderde Mulisch, onderdeel van zijn gemythologiseerde autobiografie. Ook of juist de dingen die niet gebeurd zijn, maar die zich afspelen in de krochten van het onderbewustzijn, de plaats waar de driften, angsten en verlangens wonen, zijn in de poëtica van Brouwers autobiografisch.

– Arjen Fortuin over Het bloed in onze aderen van Miquel Bulnes:

De kortste samenvatting van Bulnes’ vierde roman is een zin zoals alle Spaanse schoolkinderen die moeten leren – en snel weer vergeten: ‘Er is een direct verband tussen El desastre de Anual, de smadelijke nederlaag tegen de Berberse opstandelingen in het Rifgebied in de zomer van 1921, en de staatsgreep van generaal Primo de Rivera twee jaar later.’ Die rechte lijn in de Spaanse geschiedenis heeft Bulnes proberen te vangen in een epos vol historische informatie, politieke intriges, opportunisme, couleur locale, eerzucht, moord en heldendom (dat laatste met name van een jonge prostituee). Belangrijker: het is een erg goed boek geworden.

– Arjen Fortuin over Tonio van A.F.Th. van der Heijden:

Vergeleken met de rest van zijn oeuvre is dit boek een halve Van der Heijden, of een Van der Heijden tegen wil en dank. Want natuurlijk zit het boek vol met de dwarsverbanden en verwijzingen die Van der Heijden als geen ander kan blootleggen. Zoals het feit dat het ongeluk van Tonio is vastgelegd door een bewakingscamera, net als de dood van Tonnis Mombarg in Homo duplex. Of het feit dat Tonio geboren werd in de zomer waarin het Nederlands elftal werd gehuldigd als Europees kampioen 1988 en dat hij stierf aan de vooravond van het ‘zilveren’ WK 2010. Beide huldigingen komen in het boek voor. In een gewone roman zou Van der Heijden zo’n literair effect ten volle hebben uitgevent, soms op het euforische af. Hij is een schrijver die leeft van het vergroten, liefst tot mythische proporties van wat hij in de wereld aantreft. In Tonio lijkt hij daar amper in geïnteresseerd.

Pieter Steinz over Ik, Hollywood van Jan van Loy:

Ik, Hollywood is een eigenaardig boek. Goed geschreven, wemelend van beeldende passages en mooie, originele zinnen als ‘Terwijl hij binnen zijn broek uittrok, dacht hij aan hoe hij zich het leven in Californië had voorgesteld. Iets vaags met veel zonneschijn’; en: ‘Luke had dan ook die neutrale blik, een deksel op een pot van wantrouwen.’ Humoristisch, op een bescheiden manier, zoals in de geestige ontmoeting met een zakenman die anno 1909 zegt: ‘Actrices? In Hollywood? Over mijn lijk, Louis Peters. Over mijn lijk zullen jij en jouw slag dit bolwerk van fatsoen kunnen slopen.’ Maar ook kabbelend, traag, onderkoeld, zodat bijvoorbeeld de tragiek van broer Charlie te weinig uit de verf komt. Het boek is zoals Louie Peters zelf is. Wat wil je met een man die uitroept: ‘Houden van? Dat was ook maar flauwekul voor tussentitels.’

– Arjen Fortuin over Naar de overkant van de nacht van Jan van Mersbergen:

Van Mersbergen is vooral het soort schrijver dat in staat is om met minimale middelen iets groots en onsentimenteels op te roepen, om je mee te trekken zijn wereld in, de hoofden van zijn personages in. Zoals ergens in het boek de hoofdpersoon in zo’n overvol café (of was het op een dansvloer) zijn bierbekertje weg ziet stuiteren: ‘ik volg mijn bekertje op de smerige planken. Eerst gaat de grootste Maxicaan erop staan, wordt het vertrapt. Dan schiet het naar de andere kant van de groep, mijn ogen schieten ook die kant op. Een bloemetjesschoen tikt ertegenaan, nog een keer. Dan ligt het bekertje stil in het midden van de kring, een plat stuk doorzichtig plastic waar er duizenden van zijn, maar die ene was van mij, gaar en gedeukt, zoals Sara gaar en moe was, maar toch van mij.’

– Sebastiaan Kort over Gelukkig zijn we machteloos van Ivo Victoria:

Ivo Victoria is het best op dreef wanneer Lex het woord voert. Het creëren van een sfeer omtrent een man die alleen nog in contact staat met zijn eigen obsessies, gaat hem een stuk beter af dan het schetsen van het failliet van familiegeluk.
In die delen lijkt het wel alsof er een schrijver aan het werk is die zijn talent te lang heeft opgepot, om nu plots alles te laten zien wat hij in z’n mars heeft. Het gevolg is dat de stijl niet ondergeschikt is aan wat Victoria wil vertellen, maar het juist in de weg staat.

Op de longlist, die in januari bekend werd gemaakt, stonden 18 romans, van onder meer Herman Koch, Marcel Möring en Stephan Enter.

De jury bestaat naast Robbert Dijkgraaf uit Kester Freriks, Theo Hakkert, Dirk Leyman en Saskia Pieterse. Vorig jaar ging de prijs naar De maagd Marino van Yves Petry.

Bron: NRC Handelsblad, Ward Wijndelts

Boekenplank porno (5)


Mijns inziens is deze foto hét voorbeeld van hoe je je boekenkast in moet richten. Dat is, als je een interieurverzorg(st)er (gadverdamme, alleen het woord bezorgt me al kriebels) bent die de boeken alleen ter decoratie heeft aangeschaft.
Want bij deze indeling komt het eerste probleem toch al snel om de hoek kijken. Hoe weet je nog welk welke kleur had? Ik weet dat van mijn favoriete schrijvers, maar sommige boeken krijgen door de jaren meer dan vijf verschillende kaften. Hoe moet je dan nog onthouden welke schrijver waar staat?

Er is me nog iets dat me tegen staat wat betreft het ordenen van boeken op kleur. Natuurlijk, de gasten die je thuis ontvangt zullen onder de indruk zijn. Maar is het daar om te doen? Gaat het dan enkel om wat anderen denken van jouw collectie? Want denk niet, mocht u hier op een idee zijn gekomen om uw boekenkast ook zo in te richten, dat iedere bezoeker niet weet dat u nog geen vijf procent van die boeken ook daadwerkelijk heeft gelezen. En als een van de gasten dan vraagt: “Maar Ewald, vertel me, heb je ook Tractatus Logico-Philosophicus?”
En u zegt: “Ja die heb ik, die moet hier ergens staan….”
Als uw vrouw, zoals het een goede gastvrouw betaamt, het avondeten opdient, bent u nog druk zoekende naar dat filosofische meesterwerk van Wittgenstein.

Nu, mijn editie van Tractatus Logico-Philosophicus heeft de groene omslag. Een felgroene omslag. Dus als ik die zou moeten zoeken, dan zou ik die mijn gast binnen een minuut kunnen overhandigen. Maar dat zou betekenen dat ik alle kaften van alle boeken zou moeten onthouden. Daar heb ik ten eerste geen zin in, en ten tweede onthoud ik alleen de kaften van de boeken die ik werkelijk goed vind, of die ik met plezier heb gelezen.

Dus nogmaals: deze foto is geenszins een voorbeeld van hoe het moet. Tenzij u Jan des Bouvries heet, of zijn wijze van interieur verzorgen aanhangt, dan moet u wel zo’n zwaktebod doen. Maar in ieder ander geval: de boekenkast, dames en heren, staat er toch vooral voor uzelf. In mijn geval ook een beetje voor mijn vriendin, omdat ze anders tien minuten nodig heeft om, slalommend tussen de boeken, tijdschriften en kranten die ik door de jaren heen heb verzameld, ’s ochtends vroeg naar de badkamer te lopen. Maar ga niet pronken met uw boekenkast.
Bedenk zo: al die kennis die in die kast staat, is kennis die u zelf hebt vergaard. U hebt de moeite genomen om naar de boekenwinkel te gaan (of de boekenwebsite), u heeft het geld overhandigd aan de winkelbediende (of overhandigd aan de bezorger, of overgemaakt via Paypal) en u heeft daarna de moeite genomen om het boek te lezen (en wellicht zelfs om er daarna, als u het uit had, er nog eens, op een moment dat u wordt overvallen door melancholisch-filosofische gedachten, stevig over na gedacht.
Om dat moment van geestelijke triomf en intellectueel opportunisme te vieren zet u daarna het boek op een voor u prominente plaats in de boekenkast.
En u zet niet ongelezen boeken in de boekenkast in de hoop dat u daarmee uw gasten een reactie ontlokt. Dat is geen boekenplank porno meer, dat is zeer foute jaren zeventig boekenplank porno, waarbij het duidelijk wordt, als je de beelden goed bekijkt, dat de boekenlegger helemaal niet in het boek gaat maar er van onder een beetje slap tegen aan tikt.

Chad Harbach – De Kunst van het Veldspel


Omslag van De Kunst van het Veldspel

De totstandkoming van het boek De Kunst van het Veldspel in minstens zo bijzonder als het boek zelf. Chad Harbach kreeg, na jaren van schrijven, ploeteren en proberen het duizelingwekkende bedrag van 665.000 dollar voor zijn boek, en op dit moment is hij de hottest kid in literature.

Het ontstaan van het boek begon bij de oprichting van het literaire tijdschrift N+1. Het was een aanklacht tegen de heersende literaire tijdschriften die op dat moment op de markt werden aangeboden. N+1 wilde vernieuwen, wilde schrijvers alle ruimte geven om zich te ontwikkelen en wilde de ruimte bieden aan talenten zodat ze op het platform dat N+1 hen bood konden laten zien wat ze nu werkelijk konden.

Harbach richtte het tijdschrift op met twee andere vrienden, Keith Gessen en Mark Greif. Samen besloten ze om niet alleen een revolutionair tijdschrift te starten, maar ook om de toegangswegen tot de literatuur daadwerkelijk met eigen voeten te betreden. Al snel hadden Harbachs vrienden succes: Gessen en Greif mochten allebei na enkele jaren hun eerste boek publiceren.

In die tijd was Harbach al begonnen aan wat later De Kunst van het Veldspel zou worden. Maar het lukte Harbach op de een of andere manier maar niet om de woorden en de zinnen zoals hij het voor zich zag op papier te krijgen. Het zou hem uiteindelijk bijna tien jaar kosten om het boek af te ronden.

Maar toen de doorbraak eenmaal kwam met zijn debuutroman was het succes vele malen groter dan hij verwacht had. Hij werd bij alle talkshows (radio en televisie) uitgenodigd en in tientallen landen verscheen zijn boek op 1 van de literatuurlijsten (of zou die plek binnen een week na uitgifte innemen).

Maar is het boek nu werkelijk zo goed als de hype die erom heen hangt?

Chad Harbach is momenteel de literaire sensatie van Amerika en het is duidelijk waarom. Zijn debuutroman De Kunst van het Veldspel (The Art of Fielding) is een echt meesterwerk, en deze combinatie –van debuut en meesterwerk – is zeldzaam. Honkbal speelt een belangrijke rol in de roman, is en toch is het geen honkbalroman. Je hoeft dan ook geen enkele affiniteit te hebben met honkbal om uren te kunnen genieten van dit boek.

Met grote sprongen karakteriseert Hadbach de belangrijkste personages en hun onderlinge spanningen. Dit is echter geen punt van kritiek: de eerste pagina’s zijn een uitstekende inleiding op de problematiek van de hoofdpersonen later in het verhaal. Die problematiek wordt later uitgewerkt, waardoor de personages diepte krijgen. De wisselingen van perspectief zijn bijzonder goed geschreven, waardoor je niet steeds weer terug hoeft te bladeren om te kijken wie wat zei en wie wat dacht.

En dat is de kracht van Harbach. Hij weet de personages zo levendig en zo echt te maken, dat je intens met ze gaat meeleven. Doordat de personages zo’n diepgang krijgen, leest dit boek veel sneller weg dan je op voorhand had gedacht van de lijvige roman. Waar, bijvoorbeeld, Dan Brown er meester in is om goedkope, simpele boeken te schrijven die met een sneltreinvaart twee uur uit je leven halen, zo heeft Harbach een debuutroman geschreven die ook enkele uren uit je leven haalt. Maar die uren waren zo goed, dat je blijft verlangen naar meer van hetzelfde. Op het moment dat je het boek dicht doet voelt het alsof je uit een wereld wordt gerukt die de jouwe is geworden.

Dat is werkelijk het enige minpunt dat ik kon bedenken aangaande dit boek: er zal een moment komen dat je het dicht moet doen. En als dat het enige kritiekpunt is dat ik kan aandragen, dan kan ik met recht zeggen: Harbach heeft een debuutroman geschreven die zonder twijfel de tand des tijds zal doorstaan.

Op het einde schrijft Harbach het volgende met betrekking tot zijn vijf hoofdpersonages, die allen grote veranderingen in hun leven tegemoet zien: “Everbody suffered. The key was to choose the form of your suffering.” Onze vorm van lijden, is dat we toch echt dit boek een keer dicht moeten doen.

Het verhaal
Westish College, een kleinschalige universiteit aan de oever van Lake Michigan. De jonge, getalenteerde honkballer Henry Skrimshander is voorbestemd om een ster te worden. Maar wanneer tijdens een wedstrijd een routineworp van zijn hand verkeerd uitvalt, nemen vijf levens een andere wending. Henry’s groeiende gebrek aan zelfvertrouwen lijkt zijn veelbelovende toekomst te ruïneren. Het hoofd van de universiteit, de eeuwige vrijgezel Guert Affenlight, wordt onverwacht verliefd. Owen Dunne, Henry’s homoseksuele kamergenoot, raakt verwikkeld in een gevaarlijke affaire. Mike Schwartz, de aanvoerder van het honkbalteam en Henry’s beste vriend, beseft dat zijn carrière in gevaar komt als hij Henry blijft steunen. En Pella Affenlight, Guerts dochter, keert na een mislukt huwelijk terug naar Westish, vastberaden een nieuw leven te beginnen.
Tijdens het honkbalseizoen ontstaan nieuwe relaties tussen deze vijf onvergetelijke personages die elkaar uiteindelijk helpen hun weg te vinden. De kunst van het veldspel is een intelligente, warme roman over ambitie, familie, vriendschap en liefde en is de gedroomde entree van een groot schrijver.

Boekenplank porno (4)


Mijn eerste gedachte: hoe is deze foto uit de toekomst in onze tijd terecht gekomen? Maar het is geen foto uit de toekomst, het is een foto van de nieuwe stadsbibliotheek in Stuttgart.

De gedachte achter de bouw en indeling van deze bibliotheek is dat alle boeken zoveel mogelijk zichtbaar moeten zijn. Maar het mooiste van alles is, naast de schat aan boeken die hier te vinden zijn, de indeling van de trappen.

Ze lijken willekeurig geplaatst als in een Escher tekening. Maar er zit een logische gedachte achter: namelijk het bevorderen van zowel de leeservaring als de omgevingservaring.

U zult misschien niet van het steriele wit houden, ik doe dat in ieder geval niet, maar het ziet er al met al prachtig uit. Een bibliotheek die in een geordende chaos uitnodigt om op ontdekkingsreis te gaan. Om boeken te ontdekken die jarenlang zijn genegeerd. Om van de stofvangers de aandachtstrekkers te maken.

Hieronder een filmpje, om te laten zien hoe het gebouw nu exact in elkaar steekt.

Het uitgeven herontdekt


Vele mensen in Nederland hebben schrijfaspiraties. Wat heet. Ruim 165.000 mensen in Nederland hopen ooit een boek te mogen uit brengen. Maar zo makkelijk is het niet. Of eigenlijk: was het niet. Want dankzij Tenpages.com gaat ook het uitgeven van boeken eindelijk het nieuwe digitale tijdperk in.

Voor vele schrijvers klinkt het als een bekend fenomeen. Je hebt een boek geschreven, een gedichtenbundel een korte verhalen bundel of een roman die de literaire wereld op haar grondvesten zal doen schudden. Je bent er trots op, zeker omdat je er vele dagen, weken, maanden werk in hebt gestopt. Maar dan komt het moeilijkste van het hele proces: het vinden van een uitgeverij die je boek of bundel wil publiceren.

Vele Nederlanders leuren ieder jaar tevergeefs met hun boek langs uitgeverijen. De literaire wereld is een gesloten wereld en om er tussen te komen is niet iedereen gegeven. Uiteraard: als je teksten dusdanig goed zijn, zal er vanzelf een uitgever zijn die het oppikt. Maar het kan ook dat je manuscript verdwijnt in de stapel van 95% van de ingezonden boeken die worden afgekeurd door uitgevers.

Het is een frustrerend en moeizaam proces. Je krijgt afwijzing na afwijzing te verwerken, en dat terwijl je op voorhand nog zo’n goed gevoel had. Steeds meer ga je twijfelen aan de kwaliteit van wat je hebt geschreven en wat je wil zeggen.

Zo ging het. Want tegenwoordig, met de social media en de digitale snelweg die steeds breder wordt, is het vinden van een uitgever iets makkelijker geworden. De website Tenpages.com biedt een unieke mogelijkheid voor schrijvers in spé om hun werk te promoten en wellicht zelfs uitgegeven te zien worden.

Tenpages.com werkt zoals enkele platenlabels op internet al jaren werken: een, in dit geval, schrijver plaatst op de website zijn/haar manuscript. Bezoekers van de website krijgen de kans om een aandeel (of meerdere aandelen) van het manuscript te kopen. Als de schrijver uiteindelijk 2000 of meer aandeelhouders zo ver heeft gekregen om vijf euro te investeren, dan komen de uitgeverijen om de hoek kijken.

Het principe is simpel: omdat gewone mensen zoals u en ik de eerste investeringen voor onze rekening nemen, is het risico van verlies lijden voor de uitgevers een stuk kleiner geworden. En dat heeft weer tot resultaat dat een uitgever sneller over de brug zal komen met bijvoorbeeld een contract of publicatie.

Daarbij is het voor schrijvers uiterst interessant om te zien hoe onbekenden op hun boek reageren. Zijn zij bereid om vijf euro te investeren? Ofwel: is de door de schrijver aangeboden lectuur boeiend genoeg om lezers zover te krijgen dat ze investeren? Zo ja, dan weet je als auteur dat je op de goede weg bent.

Waarom zou iemand vijf euro investeren in een manuscript dat misschien nooit wordt uitgegeven? Omdat investeerders hoe dan ook vier euro terug krijgen. Dus investeren zij in een manuscript dat niet populair blijk te zijn, dan krijgen zij nog 80% van hun inleg terug. En de keerzijde is dat als een boek wel wordt uitgegeven, er een sappige winstmarge op een boek kan zitten. Zo waren er onlangs nog twee investeerders die ruim duizend euro terugkregen na hun investeringen.

Voor alle doemdenkers die in de afgelopen jaren, met de digitale revolutie, voorspelden dat het boek op sterven na dood is, moet dit een nachtmerrie zijn. Het uitgeven van boeken heeft eindelijk haar aansluiting gevonden bij de digitale ontwikkelingen die in de afgelopen vijftien jaar zijn gelanceerd.

Arnon Grunberg schreef ooit dat bijna alle goede boeken niet worden uitgegeven. Daarom ook (mede vanwege schulden) begon hij zijn uitgeverij. Nu hoeft dit niet langer het geval te zijn. Natuurlijk zal er nog altijd lectuur worden gepubliceerd op Tenpages.com dat het daglicht niet kan verdragen. Maar nu kan het publiek zelf tenminste beoordelen wat het er van vindt.

En de schrijver is, al is het maar voor het gevoel, een stap dichterbij een uitgever gekomen. Het uitgeven is herontdekt.

Boekenplank porno (3)


Een openlucht boekenwinkel. Ik ben er nog nooit geweest, ik heb er zelfs nog nooit van gehoord. Maar het ziet er gezellig en klantvriendelijk uit. De boekenkasten staan op wieltjes, waardoor de winkelindeling te allen tijde kan worden aangepast.

Zo ergens tussen het vele beton en ergens op het asfalt van een grote stad huist een klein winkeltje vol wijsheden en literair genot. Een plek, welhaast vergroeid met de stadse omgeving maar niet minder resistent tegen de stadsjungle, waar mensen samen komen om hun leeshonger te stillen. Een plek waar je, als je even niet oplet, of omdat je dacht dat je geld op de grond zag liggen, zo aan voorbij loopt. Een plek die vergeten wil worden en die tegelijkertijd schreeuwt om bezoekers en aandacht.

De mensen scharrelen er vrolijk rond, op zoek naar hun favoriete boek. Of naar het boek waarvan ze nog niet lang geleden hebben vernomen dat het een must-read is. Dit alles onder aangezicht van enkele schrijvers, zoals Isaac Asimov (schreef de wetten voor de omgang met robots en vele beroemde science fiction verhalen), Toni Morrison (ze won onder andere de Pulitzerprijs en de Nobelprijs) en Italo Calvino (beroemd Italiaans schrijver van neorealistische literatuur).

Het potlood dat links boven de winkel hangt lijkt bezoekers en klanten al de juiste weg in te willen wijzen. Voor uw leesplezier, deze kant op.

De winkel heet de Brattle book shop en bevindt zich in Boston, enkele straten ten zuiden van Boston Common. Het is een van de oudste antiquariaat boekenwinkels van de Verenigde Staten. Naast de dependance aan de straat, heeft Brattle book shop twee verdiepingen met algemene literatuur en een verdieping (de derde) met uiterst zeldzame en oude boeken.