De kus


Zij is moe van de geuren die zij moet dragen
Onhebbelijk tot in de lengte der dagen
Ik zou het haar willen vragen

Maar hoewel de tekenen lonken
Ligt de vraag besloten
Aan mijn lippen vastgeklonken

En dus laat ik het en haar maar gaan
En richt me op zaken die er werkelijk toe doen
Ik poog weer op eigen benen te staan
En me niet te laten meeslepen door die zoen

Want daarin ligt de waarheid verdeeld
Als onze lippen elkaar raken zal het meegaan
Ik kijk haar een laatste keer aan
Maar zij heeft alles in gedachten al gedeeld

Jeugdherinneringen van een wereldburger


Mijn eerste visie op verre landen
Was die van ’n foto aan wand
Met daarop het panorama van ’n woud in ’n tropisch land
Waardoor ’n tijger sloop met vlijmscherpe tanden

Daarna, ’n Chinees, vreemd gekleed
Op ’n roodbruine theepot
Bij mijn oma in de keuken nimmer ontleed
Op zulks mystieke zaken was ik al jong verzot

Toen kwamen de Jules Verne-boeken
En gebeurde wat eigenlijk al had verwacht
Het was daarna vanaf het gras in de achtertuin ver met mij te zoeken
Omdat ik mijzelf over de hele wereld, behalve waar ik was, dacht

De wereld trok aan me voorbij
Een olifant in Afrika, rijstvelden in Indonesië
Felgekleurde specerijen in India en zelfs ’n kanotocht in Frans-Polynesië
Ik kwam overal en iedereen vroeg naar mij

Toen ik eenmaal wist wat de wereld was
En alles had gezien
Hield ik het voor gezien
En deed nooit meer afstand van de achtertuin en het gras.

Liefde (J. Slauerhoff)


Liefde is niets dan daaglijks verder gaan
Door dorre woestenijen,
Om na den nacht saam moe weer op te staan
Uit duistere valleien.

Liefde is niet een wijdverklaard begrijpen,
Een stijgen tot het licht,
En niet oneindig zijn en ook niet rijpen
Tot innerlijk gezicht.

Want leven is geen vast geluk, maar een rampspoedig
Dolen in ’t labyrint
Van de gevoelens; wie de weg weet is hoogmoedig,
Als onervaren kind.

Liefde is alleen elkander droef verdragen
Als vrouw en man:
Twee vijanden die toch elkander schragen
Zoo nu en dan,

En, daar God voor hun wanhoop en hun vragen
Geen heul, geen antwoord heeft,
Soms naar de eeuwigheid de zweefvlucht wagen
Die een omhelzing geeft.

(J. Slauerhoff, Verzamelde Gedichten, Serenade, Liefde, bladzijde 242)

Gedichten: ‘Niemendalletjes en andere onontdekte plekjes’


Catch 22
We zitten vast aan een kunstmatig ding
Als lopen we rondjes in een Möbius ring
Want het nadeel van dat we de Tijd hebben bedacht
Is dat de Tijd niet meer tot stoppen kan worden gebracht

Televisie
Het is omdat de beeldbuis zoveel derrie op een dag uitbraakt
Dat we aan reality, roddels en rumoer gewend zijn geraakt
Alles moeten zien, alles moeten volgen, anders kunnen we niet geloven
Waardoor de realiteit ons wereldbeeld niets meer kan beloven

Mathemagie
Als 1 + 1 = 2
Als 1 x 1 = 1
Als dan het adagium ‘ga heen en vermenigvuldig u’ geldt
Blijven er wel heel veel singles alleen

God-man heeft nachtvisie
‘In den beginne schiep God den hemel en de aarde’
En hier begint al het Christelijke opkrikken van Gods waarde
‘En God zeide: Er zij licht; en er was licht’
En hier is waar men Hem klakkeloos van bovenaardse krachten beticht
Want wie deze twee regels nog eens goed bestudeert
Ziet dat God de aarde in het donker heeft gecreëerd!

Heimelijk wee?
Heimwee is het verlangen naar een bekende plaats
Waar je vroeger hebt verbleven
Waarom hebben we nooit het verlangen naar een onbekende toekomstige plek
Een naam gegeven?

God-man
Als God almachtig is en hij kan alles aan
Waarom is het dan dat hij de duivel niet kan verslaan?

Reclame
Dat reclame niet werkt bij mij
Kan ik heel simpel aantonen
Ik zal nooit met inlegkruisjes
Of maandverband thuiskomen

Rare lessen
Waarom leren ouders hun kinderen
Dat het prima is om met alledaagse voorwerpen contact te maken
Alleen bij extreme dingen als een paddenstoel of
Zullen ouders een waarschuwen slaken
“Stop dat maar niet in je mond”
“Daar kun je ziek van geraken”
Maar boven alles leren zij hun kinderen dat zij hun handen moeten wassen
Als zij hun eigen genitaliën aanraken

Rare lessen 2
Met dwingende vinger en verheven stem zeggen ouders:
“Zorg dat je nooit of te nimmer aan het liegen slaat!!”
Waarna zij doodleuk en met strak gelaat verklaren
Dat: “Natuurlijk, de Kerstman echt bestaat!!”

Alledaagse zaken


Steen
Hulpeloos, eenzaam, genegeerd op de grond ligt de steen
En iedere dag weer loopt iedereen over hem heen

Stoel
Eigenlijk kunnen we een stoel als pervers beschouwen
Een stoel wil alleen maar iemands billen vasthouden

Vriendschap
Vriendschap is niet een entree via de voordeur afdwingen
Maar een baksteen door de ruit gooien en naar binnen springen

Vriendschap (2)
Een vriendschap tussen twee mannen is bijzonder
Een vriendschap tussen twee vrouwen is een wonder

Liegende hond
Honden kunnen niet spreken, dat is algemeen bekend
En als de hond iets anders zegt, liegt hij fervent

Tafel
De tafel krijgt direct een bezwaard gemoed
Als u zo nodig weer tussen zijn poten voetjevrijen moet

(Tafel)tennis
Het enige verschil dat tussen pingpong en tennis kan bestaan
Is dat tennisspelers op de tafel staan

Dikke mensen
Ze hebben een korter leven door zware lijven
Terwijl ze wel langer aan tafel blijven

De ma(a)n-zon paradox


Voor Iwi. Mijn liefde. Mijn leven.

Omdat in wanhoop de schoonheid zoveel sterker straalt.

De ma(a)n-zon paradox

Als het donkerte komt inzetten
Dan laat ik mijn gelaat zien
Ik klim mijn vaste weg naar boven
Met alle gevolgen van dien

Iedere dag weer hetzelfde ritueel
Vraag me niet te veranderen
Het enige waartoe ik ben geketend
Is door het zwarte te meanderen

Zij schijnt, dus ik besta
Zij glimt, dus ik ga
Want mijn enige hoop ligt bij haar
Jaag haar tevergeefs achterna

Het is een zegen en een vloek
Dat ik niet anders kan dan iedere nacht
Haar probeer in te halen
Maar zelfs als ik op haar wacht

Dan zal ze nooit de mijne zijn
Omdat we beide om dat ene punt gaan
Gelijktijdig, rechtlijnig tegenover elkaar
Oh wee, ik als zielige maan

Maar ooit zal ik bij haar zijn
Dat ik me heerlijk wentelen kon
In de warmte van haar stralen
Ooit is de mijne, de zon

Alleen zij geeft me recht
Recht van bestaan
Als zij niet zo barmhartig zou schijnen
Zou niemand me door het zwart zien gaan

Dus als u ’s nachts naar mij kijkt
Bedenkt dan dit tussendoor uw dromen
De enige reden van mijn bestaan
Is omdat haar stralen op mij komen