Hoogte Spaanse obligaties nu boven 6%


De rente op de Spaanse obligaties heeft een hoogte van 6,1% bereikt. Daarmee lijkt het slechts een kwestie van tijd voordat ook Spanje zal moeten vragen om gebruik te maken van het noodfonds van de Europese Unie.

Dinsdag en donderdag zullen er nieuwe veilingen gehouden worden. Vorige week liep Spanje al vele miljarden mis door de stijgende rente. De kosten van leningen voor het land zijn de afgelopen vier maanden gestaag omhoog geklommen.

Investeerders zijn bang geworden door cijfers die aantonen dat Spaanse banken vanaf nu volledig afhankelijk zijn van de noodfondsen.

De stijging betekent dat als Spanje morgen geld zou willen lenen voor tien jaar, dat het meer dan 6% moet terugbetalen. Ter vergelijking: de rente op de obligaties van tien jaar in Duitsland, de sterkste economie van de eurozone, is slechts 1,73%.

Op vrijdag maakte de Bank van Spanje, dat is de centrale bank, bekend dat het netto bedrag van de leningen in maart aan nationale banken opgelopen was tot 228 miljard euro. Een maand eerder was dat bedrag nog 152 miljard euro.

Investeerders zijn nu bang dat de Spaanse banken alleen nog maar leunen op Europa en de noodfondsen, en dat maakt investeringen in het land onzeker en risicogevoelig.

Jurre Hermans (11) lost economische crisis op


jurre1

Lord Wolfson of Aspley Guise, de Britse topman van de kledingketen Next, maakte zich eind vorig jaar zo’n zorgen over de eurocrisis dat hij een prijsvraag uitschreef: wie kon vertellen hoe Europa uit de economische problemen kwam, kon 250.000 pond (297.000 euro) winnen.

Dat leverde de afgelopen maanden 452 inzendingen op, onder meer van economen van Capital Economics, Nomura Securities, de London School of Economics. En van Jurre Hermans (11) uit het Gelderse Beedenbroeck.

In een brief, die zijn vader vertaalde, schrijft hij:

Dear Sir and Madam,
My name is Jurre Hermans. I am 10 years old and live in the Netherlands. I am quite worried about the eurocrisis and look at the TV news daily. The eurocrisis is a big problem. I think about solutions. Since I read in the newspaper about your prize, I thought that I would like to submit my idea.

Hij vindt dat de Grieken de eurozone moeten verlaten, en legde dat met onderstaande tekening uit.

jurre2

Jurre schrijft in zijn brief:

All Greek people should bring their Euro to the bank. They put it in an exchange machine (see left on my picture). You see, the Greek guy does not look happy!! The Greek man gets back Greek Drachme from the bank, their old currency. The Bank gives all these euro’s to the Greek Government (see topleft on my picture). All these euros together form a pancake or a pizza(see on top in the picture). Now the Greek government can start to pay back all their debts, everyone who has a debt gets a slice of the pizza.

Hij realiseerde zich ook dat de Grieken niet gelukkig zouden zijn:

The Greek people do not want to exchange their Euro’s for Drachmes because they know that this Drachme will lose its value dramatically. They try to keep or hide their Euro’s. They know that if they wait a while they will get more Drachmes. So if a Greek man tries to keep his Euros(or bring his euros to a bank in an other country like Holland orn Germany) and it is discovered, he gets a penalty just as high or double as the whole amount in euros he tried to hide!!!

Lees hieronder de volledige brief:

Jurre-Hermans entryhttp://www.scribd.com/embeds/87780415/content?start_page=1&view_mode=list&access_key=key-tellkvnze0jglyaq12s

Jurre schreef zijn inzending na het zien van het Jeugdjournaal. Hij heeft niet de hoofdprijs gewonnen, zo meldt woordvoerdster Emily Hamilton van de Wolfson-prijs. Maar hij krijgt wel 100 pond en een warme vermelding van de jury voor zijn moeite.

De finalisten van de Wolfsen Economics Prize, na de Nobelprijs de grootste geldprijs die toegekend wordt aan een econoom, zijn vanochtend aangekondigd:

Catherine Dobbs – The NEWNEY approach to unscrambling the Euro
Roger Bootle – Leaving the euro: A practical guide
Jonathan Tepper – A Primer on the Euro Breakup: Default, Exit and Devaluation as the Optimal Solution
Jens Nordvig – Planning for an orderly break-up of the European Monetary Union
Neil Record – If member states leave the Economic and Monetary Union, what is the best way for the economic process to be managed to provide the soundest foundation for the future growth and prosperity of the current membership?

Vertrouwen Nederlandse consument daalt hardst van Europa


Nergens in Europa is het vertrouwen van consumenten zo sterk gedaald als in Nederland in de maand maart. Dat blijkt uit vandaag gepubliceerde cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

consumentenvertrouwen

De graadmeter voor het vertrouwen daalde tot -23,6, een jaar eerder was dat in maart nog +8,1. Het vertrouwen in Nederland is zelfs lager dan gemiddeld in de EU, aldus het CBS. Dat is al 4 maanden het geval. ‘Dat is zeer uitzonderlijk. In ruim 25 jaar tijd was dit alleen in enkele maanden van 2003 het geval’, aldus de onderzoekers.

In maart vorig jaar behoorde ons land nog tot de 6 landen met het hoogste consumentenvertrouwen van Europa. Dit jaar staat Nederland op de 13e plaats. In Griekenland was dit jaar in maart het consumentenvertrouwen, net als een jaar eerder, het laagst. Deense consumenten zijn het meest optimistisch.

Vooral over de ontwikkeling van de werkloosheid en de economische situatie in de komende 12 maanden, zijn Nederlanders pessimistischer geworden. In mindere mate nam de somberheid over de eigen financiële situatie en de mogelijkheid te sparen toe.

Bron: de Volkskrant

‘Spanje moet dit jaar noodhulp vragen’


Spanje moet waarschijnlijk dit jaar al een beroep doen op noodhulp uit Europa. Dat stelt hoofdeconoom Willem Buiter van de Amerikaanse bank Citigroup in een vandaag verschenen rapport.

premiermarianorajoy
Premier Mariano Rajoy

Volgens Buiter moet Spanje zich in de loop van het jaar onderwerpen aan een hulpprogramma van de Europese Unie, het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Europese Centrale Bank (ECB). Het toezicht van die trojka zal volgens hem een voorwaarde zijn voor aanhoudende steun van de ECB voor de zwakke Spaanse bankensector.

Citigroup verwacht dat de Spaanse economie dit jaar met 2,7 procent krimpt. De Spaanse regering gaat in haar jongste prognose uit van een achteruitgang met 1,7 procent. De bank denkt verder dat de werkelijke staatsschuld van het land aanzienlijk hoger is dan de 68 procent van het bruto binnenlands product (bbp) die in de boeken staat.

werkeloosheidspanje
Eerder deze week werd bekendgemaakt dat de werkeloosheid in Spanje blijft stijgen. Inmiddels is bijna een kwart (22%) van de beroepsbevolking werkeloos.

Volgens Buiter zijn de problemen van de Spaanse economie nog niet aangepakt. Hij wijst erop dat het Spaanse tekort over 2011 veel hoger is uitgevallen dan eerder werd gedacht. Volgens de econoom heeft die bijstelling een ,,Griekse smaak”, omdat ze eerder het gevolg is van het uitblijven van bezuinigingen dan van de afzwakkende economie.

Buiter vindt verder dat de nieuwe Spaanse regering te lang heeft gewacht met de aankondiging van nieuwe bezuinigingen. ‘Dat heeft de reputatie van Spanje op de financiële markten geen goed gedaan.’
Het Europese noodfonds zal niet in de hele financieringsbehoefte van Spanje kunnen voorzien, meent Buiter. Er zou dan te weinig geld overblijven voor eventuele steun aan Italië en de ‘zachte kern’ van de eurozone. Spanje zal een deel van zijn geld daarom ook in het geval van een hulpprogramma op de markt moeten halen, aldus Buiter.

Vrijdag zal de Spaanse regering haar begroting presenteren in het Spaanse parlement. Aan de andere kant van Europa, in het Deense Kopenhagen, zijn de ministers van Financiën van de 17 eurolanden bijeen. De situatie in Spanje staat op hun agenda. Een hoge EU-functionaris zei woensdag in Brussel dat er absoluut geen noodzaak is voor een hulpprogramma voor het Zuid-Europese land.

Bron: de Volkskrant

In Polen omarmt men Europa, maar niet de euro


In Polen, waar gebouwen uit de communistische tijd het landschap nog altijd domineren, werd de euro ooit gezien als de snelste manier om mee te doen in de economische top. Nu, na jaren van problemen in de euro-zone, hebben de Polen zich gerealiseerd dat de snelste manier om met die top mee te doen, al die tijd al in hun achterzak heeft gezeten.

polen2

Hun eigen munteenheid, de zloty, heeft voor een buffer gezorgd die de turbulentie die om het land draait aardig buiten de deur weet te houden. Slechts weinigen staan te trappelen om over te stappen op de euro, ook al heeft Polen beloofd dat wel te doen tijdens haar toetreding in 2004.

De euro, die op dit moment door 17 van de 27 eurolanden gedeeld wordt, was ooit een statussymbool van rijkdom, van macht en vooral van stabiliteit. Vandaag de dag is het een last geworden, en de vraag of landen er nog goed aan doen om de euro hun eigen munt te maken, is moeilijker te beantwoorden dan ooit.

In Griekenland, wiens zwakte aan de basis ligt van de problemen in Europa, zeggen beleidsmakers zachtjes dat het een fout was om toe te treden tot de euro. Maar ze kunnen niet meer terug, ze zitten gevangen als het ware. Het loslaten van de euro heeft voor Griekenland ernstigere gevolgen voor de economie en het land als geheel, dan de pijn die het land moet lijden als het wel aan de euro vasthoudt. In het land, net als in andere noodlijdende landen als Portugal en Ierland is immer groeiende kritiek op het feit dat Duitsland alle beslissingen omtrent leningen, tranches en voorschotten lijkt te nemen.

De nieuwere EU-leden hebben de euro nog niet geadopteerd. Polen en ook Tsjechië staan ook niet meer trappelend van ongeduld in de rij om dat te doen. In 2008 zei de Poolse minister-president Donald Tusk triomfantelijk dat zijn land zich bij de eurozone zou voegen in 2011. Maar het enthousiasme is dusdanig gekelderd, dat Poolse beleidsmakers geen idee hebben wanneer het land dat alsnog gaat doen.

polen

“Het is geen makkelijke beslissing. En op dit moment is het ook niet eens een gespreksonderwerp in Polen”, zegt Jan Krzysztof Bielecki, de belangrijkste economische adviseur van Tusk. “Wij Polen zijn wat pragmatischer dan we enkele jaren terug waren. We hebben altijd al een romantische inslag gehad.”

Met 38 miljoen inwoners is Polen naast Groot-Brittannië het grootste land in Europa dat geen euro als munteenheid heeft. Gesterkt door de kracht van de zloty heeft Polen de snelst groeiende economie van de 27 landen in de euro-zone. De export neemt ieder jaar nog flink toe en consumenten hebben steeds meer geld te besteden. En het is op weg om de stijgende lijn door te zetten. Er wordt een economische groei van ongeveer 2,5% verwacht, op het zelfde moment dat economen verwachten dat de rest van Europa een dubbele dip zal gaan beleven.

‘Polen zal wachten en kijken’
Polen die geen vertrouwen hebben in de toetreding tot de euro, zien lessen die getrokken kunnen worden uit de fouten van andere landen. Ze zeggen dat met name Griekenland zichzelf het onheil op de hals heeft gehaald, omdat het nu vastzit aan de euro. Griekenland kan dus niet zijn eigen munteenheid devalueren om ervoor te zorgen dat toerisme en investeringen weer aantrekken. Maar de Polen kijken met nog veel meer interesse naar landen als Slowakije en Estland. Deze twee voormalige communistische landen hebben ook de euro aangenomen als munteenheid en moeten nu meebetalen voor onder andere Griekenland.

In de Praga buurt in Warschau wonen Artur en Elzbieta Zawadzki. Zij werken al 33 jaar in hun eigen kledingwinkel. Vanuit hun winkel zagen zij de schuldencrisis van Polen in 1981, de hyperinflatie die volgde aan het einde van het communistische tijdperk en de schommelingen van de zloty sindsdien aan hen voorbij trekken. Zij hebben liever de situatie zoals die nu is, in plaats van de situatie die zou kunnen zijn als Polen de euro zou gaan gebruiken.

“De euro drijft de prijzen onherroepelijk omhoog”, zegt Artur Zawadzki (58 jaar oud). “En het zal vooral pijnlijk zijn voor kleine ondernemingen, zoals de mijne.” Als Polen de zloty blijft gebruiken, zijn hun producten, keramiek, beeldjes en kleding, uiterst aantrekkelijk (lees: goedkoop) voor toeristen. En zo kunnen zij de producenten van deze artikelen blijven betalen. “Als Polen de euro gaat gebruiken en de prijzen stijgen, zouden de zaken lang niet zo goed”, besluit Artur. “Tsjechië heeft de euro niet, maar Slowakije wel. Dat land heeft problemen en de mensen zijn er doorgaans erg arm. Polen zal wachten en kijken.”

Economen stellen dat de zloty het land heeft geholpen om economisch te groeien. Had het land de euro gehad, dan had de economie niet de groei van ongeveer 2 procent per jaar gehad. En die 2 procent maakte voor Polen juist het verschil tussen een recessie en gematigde groei. Want toen de zloty tijdens de crisis in 2008 en 2009 in waarde daalde, tot ongeveer een derde van de euro, werden ook vrijwel alle producten in Polen goedkoper – tot ongeveer een derde van de gemiddelde prijs in de eurozone.

Een onderzoeksbureau deed onlangs een peiling om te kijken hoe groot de weerstand tegen de euro nu echt was onder Polen. In 2002 wilde 22 procent van de Polen de euro niet. In januari 2012 was dat percentage gegroeid tot ongeveer 60.

“De aantrekkingskracht is minder geworden”, zegt minister van Buitenlandse Zaken Radoslaw Sikorski. Hij voegt daar wel direct aan toe dat hij een voorstander is van het toetreden tot de euro, op lange termijn. “Vandaag kunnen we gewoonweg niet het benodigde aantal stemmen in het parlement halen om die toetreding mogelijk te maken.”

Bij de Poolse centrale bank is de drang om van munteenheid te wisselen ernstig afgenomen, nadat medewerkers de deurklinken van de bank hadden vervangen door eurotekens, in afwachting van de toetreding. De gouverneur van de Poolse centrale bank, Marek Belka, was de minister-president tijdens het hoogtepunt van het euro-enthousiasme in Polen vlak na de toetreding in 2004.

Nu gaat hij gesprekken over toetreding tot de euro tegemoet met een koffer gevuld met ‘maar’, ‘wat als’ en ‘stel dat’, ook al geeft hij schoorvoetend toe dat het verdrag met de EU Polen uiteindelijk toch dwingt toe te treden.

In de beginjaren van de toetreding was iedereen positief, en wilde de euro liever gisteren dan vandaag omarmen”, zegt Belka. “Maar nu hebben we vele, vele redenen om dat niet te doen. De euro is op dit moment niet sterk en we weten niet wat de munt en de eurozone als geheel zal gaan doen in de toekomst.”

In de afgelopen maanden hebben verschillende eurolanden onder aanvoering van Duitsland striktere regels wat betreft leningen en uitgaven toegepast. Teneinde toekomstige problemen te voorkomen. Op 25 januari werden 25 van de 27 landen het eens over fiscaal pact waarbij ze zichzelf zworen te beloven er alles aan te doen om de euro niet te laten vallen (lees: er werden afspraken gemaakt over plafonds in leningen en uitgaven). Poolse leiders gaan er dan ook prat op dat zij de eerste in Europa waren, in 1997, die zulke maatregelen in de grondwet opnamen. Daarmee liepen zij ver vooruit op de rest van Europa. Analisten zeggen dan ook dat Polen, als het gaat om de toekomst van de euro, een zeer betrouwbare en stabiele partner voor Duitsland zou kunnen zijn.

Ondanks het feit dat het land de euro nog niet heeft omarmd, probeerde Polen eind vorig jaar wel een plek aan de onderhandelingstafel te krijgen, waar werd afgesproken welke landen hoeveel geld aan leningen zouden krijgen. Critici stelden dat Polen niets te zeggen had omdat het de euro nog niet gebruikte, maar Belka kaatste de bal net zo hard weer terug door te stellen dat het een unieke kans is voor Polen om alle regels en wetten te leren die horen bij het gebruik van de euro als munteenheid.

Het gevoel dat de toekomst van de Europese Unie in de eurozone ligt, maakt dat er nog altijd Poolse beleidsmakers zijn die geïnteresseerd zijn in toetreding. Dit zijn tevens de beleidsmakers die proberen Polen te laten integreren in West-Europa. Zij zeggen ook dat het afschaffen van transactiekosten en wisselkosten zorgt voor een betere toekomst met meer investeringen.

“Wij kunnen het ons niet veroorloven om op te treden zoals Groot-Brittannië dat doet”, aldus de president van de Societeit van Poolse Economen Ryszard Petru. “Wij zijn geen eiland.”

En toch, vele Polen zijn erg blij met het feit dat zij nog altijd de zloty in hun portemonnee hebben zitten. Studente aan de universiteit van Warschau Agata Bielecka (26): “De euro heeft een grote crisis veroorzaakt. We moeten nog maar eens heel goed over toetreding nadenken.”

“Ben ik ziek in mijn hoofd?”


Dat is zo ongeveer wat Charles Merrill vroeg aan zijn psychiater in het voorjaar van 1929.

Merrill was een succesvolle investeringsbankier op Wall Street. De markten gingen omhoog en iedereen was optimistisch over het ‘permanent hoge plateau’ dat bereikt was, maar hijzelf maakte zich zorgen over de staat van de economie.

Omdat de zakenbankier nergens aansluiting vond met zijn ideeën over een aankomende crash, ging hij te rade bij een psychiater: “ben ik ziek in mijn hoofd?”.

Na een paar sessies vertelde de psychiater dat er met hem helemaal niets aan de hand was, en de arts ging vervolgens zelf al zijn aandelen verkopen.

Merrill verkocht ook heel wat aandelen, en in maart 1929 maande hij zijn klanten aan om sterke cashposities op te bouwen.

De rest is geschiedenis: in oktober crashten de markten met veel geweld, ze zouden pas 20 lange jaren later hun oude niveau’s opnieuw bereiken.

En de firma van Charles Merril groeide uit tot een van de grootste investeringsbanken ter wereld, Merril Lynch.

Ook vandaag lijkt er weer geen vuiltje aan de lucht: Van Rompuy verklaart dat het ergste achter de rug is en dat het herstel begonnen is, de markten tikken hoger, de wetten van de zwaartekracht hebben geen grip meer op het Apple-aandeel, en heel wat analisten zijn zo optimistisch als wat.

“Ja, we krijgen inflatie door al dat geld printen, maar wat zou het, dat geld vloeit ook wel naar de markten” is de algemene teneur.

Als ik naar beneden kijk, lijkt het ijs me echter heel dun, en onder de oppervlakte zie ik allerlei donkere schepsels zwemmen.

Maar misschien hallucineer ik wel, ik zou een dezer dagen misschien best eens langsgaan bij mijn psycholoog.

Bron: Macrotrends

Waarom ik Goldman Sachs verlaat


Vandaag is mijn laatste dag bij Goldman Sachs. Na bijna 12 jaar trouwe dienst bij het bedrijf, eerst als een stagiaire in de zomer, daarna tien jaar in New York en nu in London, denk ik dat ik er lang genoeg heb gewerkt om te begrijpen welke cultuur er heerst in het bedrijf, in de werknemers, in de identiteit. En ik kan oprecht zeggen dat de omgeving van GS nog nooit zo erg vergiftigd en vernietigend is geweest als die nu is.

Om de problemen in eenvoudige termen te beschrijven: de belangen van de klanten worden stelselmatig aan de kant geschoven of genegeerd en er wordt alleen gedacht over de manieren waarop GS zoveel mogelijk geld kan verdienen. GS is een van de grootste en belangrijkste investeringsbanken in de wereld, en het is te zeer verweven met de globale economie om door te kunnen gaan met deze manier van zaken doen. Het bedrijf is zover afgedreven van de plek waar ze waren toen ik er kwam werken, dat ik niet langer met een zuiver geweten kan zeggen dat ik achter het bedrijfsbeleid sta.

Het mag misschien als een verrassing klinken voor het sceptische publiek, maar de cultuur van GS was altijd een cruciale factor voor het succes. Het draaide om teamwork, integriteit, een geest van nederigheid en altijd proberen te doen wat het beste is voor onze klanten. De cultuur was de geheime saus die deze plek zo bijzonder maakte en die maakte dat we 143 jaar lang het geld van onze klanten op een waardige manier investeerden. Het ging namelijk niet alleen om het verdienen van geld; dit alleen is niet voldoende om een bedrijf ruim 143 jaar lang met succes te laten draaien. Het doet me verdriet om te moeten zeggen dat ik vandaag om me heen kijk en nauwelijks nog een spoor zie van de cultuur die maakte dat ik met liefde en plezier jarenlang heb gewerkt voor dit bedrijf. Ik heb niet langer de trots, of het geloof.

Dit was echter niet altijd het geval. Gedurende meer dan tien jaar wierf  ik kandidaten voor ons bedrijf. Ik leidde hen ook door de gruwelijke sollicitatiegesprekken die we met hen hadden. Ikzelf was geselecteerd als een van de tien (uit een bedrijf dat meer dan 30000 werknemers heeft) om een rol te spelen in de introductievideo die we toonden op universiteiten over de hele wereld om mensen te werven. In 2006 was ik de manager van het stageprogramma in de zomer in New York, van waaruit 80 studenten werden aangenomen (uit de duizenden studenten die zich hadden aangemeld).

Ik wist pas zeker dat het tijd was om te gaan toen ik me realiseerde dat ik de studenten die ik toesprak niet langer in de ogen kon kijken. Ik kon ze niet langer met overtuiging vertellen hoe geweldig GS was om te werken.

Als de geschiedenisboeken geschreven gaan worden over GS, dan zal duidelijk worden dat de huidge CEO Lloyd C. Blankfein en de president Gary D. Cohn de cultuur van het bedrijf volledig hebben laten varen onder hun bewind. Ik geloof heilig dat dit verval in de morele vezels van het bedrijf het belangrijkste gevaar zal zijn voor het voortbestaan van GS op lange termijn.

Gedurende mijn carrière had ik het privilege om adviezen te geven aan de twee grootste hedgefondsen in de wereld, aan vijf van de grootste asset managers in de Verenigde Staten en aan drie van de meest prominente soevereine wealth funds in het Midden-Oosten en Azië. Mijn cliënten hebben een gezamenlijk investeringsvermogen van meer dan een biljoen dollar. Ik heb altijd plezier en trots uit mijn werk kunnen halen, als ik mijn cliënten kon adviseren wat het beste voor hen en hun investeringen was. Zelfs als dat betekende dat het bedrijf een verlies zou leiden. Deze visie verliest zienderogen aan populariteit in GS. Wederom een teken dat het tijd werd dat ik zou vertrekken.

Hoe zijn we hier gekomen? Het bedrijf veranderde de manier waarop zijn leiderschap wilden hanteren. Leiderschap zagen we altijd als een verzameling goede ideeën, als het stellen van een voorbeeld en als een poging om het juiste te doen. Vandaag, als je genoeg geld verdient voor het bedrijf (en als je momenteel geen seriemoordenaar bent) wordt je gepromoveerd.

Wat zijn drie manieren om een leider te worden? 1. Bouw op de pijlers van het bedrijf, wat in GS-taal zoiets betekent als ‘haal je klanten over om te investeren in aandelen of andere producten waar we van af willen omdat we weten dat ze weinig potentie hebben’. 2. “Jaag op olifanten”. In Nederlands: zorg dat je klanten, of ze nu grootkapitaal bezitten of niet, gaan handelen in datgene dat het meeste opbrengt voor GS. Noem mij ouderwets, maar ik houd er niet van om mijn cliënten een product te verkopen dat niet goed is voor hen. 3. Zorg dat je in de positie komt waarin het jouw taak is om niet-liquide, ondoorzichtige producten met een acroniem van drie letters te verhandelen.

Vandaag de dag tonen veel van de leiders bij GS een cultuurquotiënt van exact nul procent. Ik zit bij derivaten-verkoop vergaderingen waar geen enkele seconde besteed wordt aan de vraag hoe we onze cliënten kunnen helpen. Het gaat enkel om de wijze waarop we hen zoveel mogelijk geld kunnen aftroggelen. Als jij een buitenaardse van Mars was en je woonde een van deze vergaderingen bij, dan zou je geen moment geloven dat het succes of de voortgang van een cliënt ook maar enig moment deel uitmaakt van het gedachteproces binnen GS.

Het maakt me ziek als ik hoor hoe losjes en zonder enige scrupules mijn collega’s praten over hoe zij hun clienten afzetten. Gedurende de laatste twaalf maanden heb ik vijf verschillende directeuren over hun clienten horen praten als zijnde ‘muppets’. Soms deden zij dat via de interne mail. Zelfs na Fabulous Fab, na God’s Work en na Vampire Squids durven zij deze toon nog aan te slaan. Nederigheid? Ik bedoel, kom op zeg. Integriteit? Eroderend. Ik weet niets van onwettig gedrag van collega’s, maar denkt u niet dat mensen proberen om de grenzen telkens te verleggen en hun cliënten producten aansmeren die ingewikkeld zijn of gewoonweg niet bij hen passen? Absoluut. Iedere dag, om precies te zijn.

Dezer dagen is de meest gestelde vraag binnen GS van junior analisten “Hoeveel hebben we aan onze cliënt verdiend?”. Het stoort me telkens weer als ik die vraag hoor omdat het een loepzuivere reflectie is van wat zij zien en leren van hun leiders. En ga nu eens tien jaar de toekomst in. Je hoeft geen hooggeleerde te zijn om te begrijpen dat junior analisten die stilletjes in een hoek van de kamer zitten en luisteren naar ‘muppets’, ‘steek ze de ogen uit’ en ‘betaald krijgen’ geen modelburgers zullen worden later.

Toen ik nog een eerstejaars analist was, wist ik niet waar het toilet was of hoe ik mijn schoenveters moest strikken. Mij werd geleerd dat ik me bezig moest houden met de fijne kneepjes van het vak, dat ik moest leren wat een derivaat is, dat ik financiën moest begrijpen, dat ik mijn clienten moest leren kennen, dat ik moest leren wat hun motivatie is, dat ik moest leren succes te omschrijven en tenslotte wat ik moest doen om zo snel mogelijk succesvol te worden.

Mijn meest trotse momenten in dit leven – het krijgen van een beurs zodat ik van Zuid-Afrika naar Stanford University kon gaan, dat ik gekozen werd tot een van de beste studenten van mijn lichting, dat ik een bronzen medaille won met tafeltennis in Israël bij de Maccabiah Spelen, beter bekend als de Joodse Olympische Spelen – heb ik bereikt door snoeihard te werken, zonder een verkorte route of wegen tussendoor. Bij GS vandaag de dag verwacht men juist dat je de verkorte route neemt. Het gaat er allang niet meer om slagen en succes behalen door hard te werken. Het voelt niet langer goed.

Ik hoop dat de alarmbellen nu gaan rinkelen bij de directeuren en bij de raad van bestuur. Maak de cliënt weer het zwaartepunt van het bedrijf. Zonder cliënten verdien je geen geld. Sterker nog: zonder cliënten besta je niet eens. Zorg dat je alle mensen die hun moraal verloren zijn ontslaat, ongeacht hoeveel ze het bedrijf opleveren. Zorg dat de cultuur weer wordt zoals die was, zodat mensen voor GS willen werken met de juiste intenties. Mensen die slechts bij GS komen werken omdat ze snel veel geld willen verdienen zijn de mensen die ervoor zorgen dat het bedrijf juist sneller ten onder zal gaan.

Greg Smith neemt vandaag ontslag bij Goldman Sachs. Hij was daar executive director (uitvoerend directeur) en hij was het hoofd van de Amerikaanse derivatentak in Europa, het Midden-Oosten en Afrika. Dit is zijn verhaal.